Home
Optrekdag 2009 PDF Print E-mail
Written by Teun   
Monday, 11 June 2012 10:24

Archief: Optrekdag 2009

Groepsfoto voor het gemeentehuis met de jubilarissen.

SINT-ANTONIUSVIERING

De feestdag van de patroonheilige, de H.Antonius Abt, viel dit jaar op een zaterdag. Daardoor kon een groot aantal gildebroeders aanwezig zijn bij het optrekken naar de parochiekerk in De Mortel, waar de heilige ook als patroon van de parochie wordt geëerd. Als de feestdag door de week valt is het voor sommige gildebroeders moeilijker om zich vrij te maken, nu was bijna de voltallige groep aanwezig. Deze feestdag wordt in Gemert “Mortelzondag” genoemd. Daar was deze dag vroeger een zondag, vandaar de naam.
Het gilde haalde de celebrant, pastor Delisse, aan de vroegere pastorie af en begeleidde hem naar de kerk. De Antoniuskaars wordt vóór de H.Mis door de koning aangestoken en het koor zingt een meerstemmige mis. De preek gaat natuurlijk over de heilige Antonius, zijn leven, zijn patroonsschappen en de gebruiken welke er overal rond deze dag worden toegepast.
De pastor wees op de tegenstelling tussen het leven en streven van de patroonheilige en de huidige gebruiken op de feestdag, de tegenstelling tussen versterving doen en lekker eten en drinken.
In De Mortel is de kerk nog steeds goed gevuld op deze feestdag, misschien wel mede door de inspanningen welke het gilde zich getroost om hieraan kleur, natuurlijk de groene kleur, te geven.
De koffie en het Antoniusbrood werd door ca. 140 mensen bezocht, die ook nog eens vergast werden op een optreden van de gildetroubadour bij uitstek, Henk Habraken uit Dinther, die zijn winkel een uurtje had gesloten om enkele gildebroeders te eren met een couplet van zijn feestlied en andere gildeliederen te zingen. Het viel in de smaak, want vele bezoekers kenden zijn humor en voordracht niet.
Het was al wat laat in de middag toen de gildebroeders bij gildelid Peter Heesakkers de erwtensoep aten om daarna terug te gaan naar hun huizen voor hun werk daar.
’s Avonds waren opnieuw velen present voor de rikwedstrijd en natuurlijk het optreden van Z.A.B., de afkorting voor de ZondagAvondBand, een naam, welke door een schutsbroeder was uitgevonden, omdat het eerste optreden voor het gilde op een zondagavond plaatsvond.
De nacht was al een tijdje verstreken, toen de laatste Gildebroeder op weg naar zijn woning ging, zoals iedereen blij met een mooie feestdag.

BELVAAN

Het woord “belvaan” zal vreemde in de oren klinken. Het is weliswaar een Nederlands woord, maar het zegt velen niets of weinig. Het is een bijeenkomst, welke alleen in Gemert wordt gehouden. Het was een oud gebruik, dat gildebroeders aan de vooravond van de optrekdag de verteringen van het hele jaar met de hospes kwam afrekenen. Deze had van de geleverde consumpties “vaantjes” – tegenwoordig zou men dat “turfjes”noemen, vier verticale streepjes met één horizontaal streepje daardoor. Bij de afrekening moest het verschuldigde bedrag doorberekend worden, rekening houdend met het feit, dat koning en kapitein vrijgesteld waren van betaling.
Het woorddeel “bel”is volgens Prof. Weijnen een afgeleide van “beijer”, dat bier betekent. In wezen is het dus een “biervaantje” en niet de buil – geldbuidel – vullen, zoals sommigen dachten.
De belvaan is nu de gelegenheid voor de verzuukers om hun ontvangen gelden af te dragen en voor andere leden, die niet thuis waren getroffen, om hun schulden aan het gilde te betalen. De hospes zorgt voor brood met zult.
Deze avond dient nu ook om de laatste voorbereidingen te treffen voor de optrekdag, welke de volgende dag plaatsvindt.

OPTREKDAG

De optrekdag – vroeger was dit de dag dat de nieuwe deken werd gekozen en na de installatie in het gildehuis naar zijn huis werd gebracht – is onder invloed van de gewijzigde tijdsomstandigheden en beroepen van de gildebroeders nu een gecombineerde optrek- en teerdag, een dag met veel activiteiten, eigenlijk té veel voor één dag.
Dit jaar begon deze al om zeven uur ’s morgens met het kapiteinsontbijt in de woning van de kapitein. Uit de toch niet kleine huiskamer waren de grote meubels weggeruimd om vier tafels te kunnen dekken voor de gildebroeders.

De plaatsruimte was niet ruim bemeten en zo was ook de ruimte op de tafels nauwelijks voldoende voor de schalen vlees en kaas, brood, koffiekopjes, ontbijtborden, enz. Maar zo vroeg in de morgen schikt men wel graag in en geniet des te meer van de spijzen en de koffie, thee en melk.

Op de keukentafel had de kapitein voor het eerste ontbijt in zijn huis een kleine tentoonstelling ingericht met o.a. de kapiteinskist, nu niet gevuld met leggerboeken en ander schriftelijk materiaal, maar met wijn, sigaren, een brievenmap en afgedekt met zijn gildehoed. Er lag een oud mes, volgens hem wellicht in de 17e eeuw gebruikt door het gilde en de offerschaal (voor consumptiemuntjes)!

De maaltijd werd besloten met het zingen van het Sint Antoniuslied en de vendeldgroet als eerbewijs aan de kapitein en zijn familie.
Snel moest het gilde zich verplaatsing naar het parkeerterrein bij Fitland, waar het gilde zich gereed maakte om op te trekken naar het huis van de gouden jubilaris Pieter Verbakel. Hij werd ook geëerd met een vendelgroet en aan-sluitend vertrok het gilde naar het gildehuis, waar nog even tijd was voor een kleine pauze, de andere jubilarissen te groeten en dan op te trekken naar de kerk. De jubilarissen waren gezeten in een oude Parijs taxi uit 1928, beschikbaar gesteld door Gildebroeder Harrie Donkers.


De parochiekerk was met groenwitte sluiers getooid en deze met de gildebroeders op de achtergrond in het priesterkoor was een schitterend gezicht voor de dit keer vele kerkgangers. Pastor van Lamoen kleurde de feestdag verder in met een preek, waarin over Sint Antonius en dit keer ook Sebastianus, de tweede patroon die op 20 januari zijn feestdag heeft. De liturgieviering straalde het gilde uit ook in de gezangen, het offeren op de gildetrom en de drie schalen, waarvan er één voor het gilde was en de andere twee voor de pastoor en de koster. Gildebroeders waren de misdienaar en lector.
De eed van trouw aan het geestelijk gezag besloot de viering.

Op het pastorieplein was er de vendelgroet voor de pastoor, zoals nadien ook voor loco-burgemeester Harrie Verkampen. Hij ontving gilde en jubilarissen in de “rode” trouwzaal, waar hij het gilde toesprak en het stipendium aan de tamboers – dit is een verwijzing naar de vroegere tamboerknechten die door het gilde werden betaald - overhandigde. De gemeente heeft dit in de zeventiger jaren ingevoerd.
Bij het gildehuis werden de jubilarissen geëerd met een vendelgroet. Dit was het vijfde optreden van de vendeliers.
De vergadering van alleen gildeleden heeft een besloten karakter. Zelfs de bediening mag er niet komen. Ter herinnering aan het vroegere knechtsschap van de tamboers schenken zij de drank in.


NIEUWE DEKEN

De besloten vergadering was lang ook de jaarvergadering. Daardoor kwamen de zakelijke agendapunten in het gedrang, omdat het tijdschema krap was. Daarom beperkt deze zich nu tot de opening met het zingen van het patroonslied, de kandidaatsteling voor de verkiezing van de nieuwe deken en de stemming. De kandidaatstelling is het ogenblik, waarop het geheim van de nieuwe deken wordt opgelost. In de groep werd al langer gefluisterd wie er als kandidaat in aanmerking kwam, maar zeker weten deden dat maar twee personen, nl. de kapitein en de voorzitter.

De 23-jarige Johan van Dommelen uit Esdonk stond als eerste op het bord. Dat betekent, dat hij de gedoodverfde kandidaat is. De twee andere namen zijn eigenlijk lijstvulling. Dan wordt er gestemd, eerst door de afgaande deken, dan de kapitein, het koningspaar en daarna de gildebroeders en ouderlingen. Ondersteunende leden mogen niet aan de stemming deelnemen. Dat recht is voorbehouden aan de gildebroeders en ouderlingen (niet meer actief als Gildebroeder).

Hiermee is aansluiting gehouden met de traditie uit het verleden, toen ieder gildelid tot een van deze categorieën behoorde.

Voor het stemmen wordt iedereen naar de bestuurstafel geroepen om daar met een streepje hun keuze te doen.

In de beslotenheid van de vergadering is de stemming dus openlijk. De nieuwe deken komt uit een groene familie. 40 Jaar geleden werd zijn oom Albert deken van het gilde, in 1919 zijn oud-oom Driek, die van 1922 – 1931 ook kapitein van het gilde was en ook zijn overgrootvader Petrus in 1880. Hij was van 1884 – 1894 ook kapitein. Alle vier werden uit hetzelfde huis als nieuwe deken “uitgehaald”.

JUBILARISSEN

Op de optrekdag werden drie jubilarissen gehuldigd voor hun trouw aan het gilde. Trouw moet een gildebroeder eigen zijn; het spreekt eigenlijk vanzelf en daarover behoeft op bepaalde tijden eigenlijk niet gesproken te worden. Toch zijn er momenten in het lidmaatschap, dat deze trouw nog eens beklemtoond mag worden. Dat is bij een zoveeljarig lidmaatschap. Het gilde doet dat bij een 25-, 40-, 50-, 60-, en 65-jarig lidmaatschap. Eenmaal is het voorgekomen, dat een lid 75 jaar lid was. Dat feit is toen niet gevierd, omdat de betrokkene enkele maanden later 100 jaar zou worden. Daaraan werd de voorkeur gegeven. Het noodlot sloeg toe en enkele maanden voor de honderdste geboortedag overleed hij.
Willy Tielemans was 25-jaar lid en is na zijn dekenschap vendelier geworden. Hij ontving een zilveren speld met de afbeelding van een vendelier.
Pieter Verbakel vierde zijn gouden lidmaatschap, waarvan hij al 48 jaar tamboer is. Dat hield de aankondiging van een hernieuwde huldiging in als hij 50 jaar tamboers is. Bij de huldiging ontving hij een zilveren schild.
Tot slot vond de huldiging plaats van Pieter Penninx. Hij was 65 jaar lid en zo blij, dat hij dit kon vieren. Driemaal, zo vertelde hij, had hij de dood in de ogen gezien, maar de H.Antonius had hem geholpen om in leven te blijven. Zo kwam hij eens met zijn auto onder de trein, waarvan hij een handicap over hield, welke hem echter niet belette om actief te blijven op vendelgebied. Onlangs nog kreeg hij een hartaanval, maar hij werd weer op voorspraak van Sint Antonius gered. Zijn blijheid om deze huldiging was groot.
Pieter had de eer als enige Brabander te mogen vendelen bij het 50-jarig regeringsjubileum van koningin Wilhelmina. Hij richtte in Gemert (1963) en ook in zijn woonplaats Liessel een vendelgroep op. Hij was een streng leider, iets wat nodig is om tot goede resultaten te komen. Hij was een echte autoriteit op vendelgebied in Brabant en een bekend jurylid. Ook Pieter werd door de gildekoningin geëerd met een zilveren schild.
In zijn dankwoord beklemtoonde hij nog eens het oefenen als vendelier en vooral de acrobatiek niet te vergeten.
Alle jubilarissen bedachten het gilde met een gift.

EREDEKEN

De optrekdag is dé gelegenheid om de benoemde eredekenen te huldigen, waarmee dank wordt gezegd voor de vele verdiensten, welke de betrokkene voor het gilde heeft gehad.

De vroegere secretaris Lau Huijbers is nog de enige levende eredeken. Hij werd in het jaar 2000 benoemd. Nadat de inwendige mens met erwtensoep was gelaafd, waren de vendeliers weer in goede conditie voor de zesde vendelgroet van de dag.

Deze wordt altijd voor het gildehuis uitgevoerd en velen zijn er getuige van.

 

INSTALLATIE NIEUWE DEKEN

Een optrekdag zonder de installatie van de nieuwe deken is niet mogelijk. Dat is een gemoedelijke aangelegenheid met als slot een korte plechtigheid voor het woonhuis van de nieuwe deken. De afstand van het gildehuis tot aan dat woonhuis was meer dan 3 km, zodat vergaderbezoekers de gildebroeders vervoerden. Het huis was al door buurtbewoners versierd, natuurlijk met groen, maar ook met gekleurde ballonnen. Voor de terugweg begon werd in huis de nieuwe deken voorgesteld en gefeliciteerd. evenals zijn ouders en zijn zus.

Er is gelegenheid om te buurten en verhalen te vertellen over de vroegere dekens uit dit. Koffie wordt gedronken broodjes gegeten om binnenshuis te besluiten met het zingen van het Sint-Antoniuslied en een biertje. De installatie vond vóór het woonhuis plaats, waar de nieuwe deken plaatsnam tussen het koningspaar.

Afgaande deken Pieter van Hout nam de attributen voor een nieuwe deken af bij de nu regerende deken en hing deze de nieuwe deken om. Zo ontving hij de patroonsspeld, de sjerp en het dekenschild. Buurmeisjes hebben daarna de taak om de nieuwe deken de versierde hoed op het hoofd te zetten en de Goudse pijp aan te reiken, gestopt met tabak, welke hij tot aan het gildehuis brandende moet worden gehouden.

Maria van den Berg, zuster van de langjarige kapitein Johan van den Berg, had de eer om de dekenshoed op te zetten en de jongedame Hoeij deed dat met de pijp. Onder applaus voor de nieuwe deken werd de plechtigheid besloten. Als eerbewijs en een welkom aan hem binnen het gilde werd een vendelgroet gebracht. Dat was de zevende.

Een oud-Gemertse gewoonte is het om de nieuwe deken en het gilde te feliciteren en dat gaat gepaard met het aanbieden van een borreltje. Dat gebeurde in Esdonk huis voor huis. Onderweg stonden gildezusters van elders in de gemeente met een glaasje klaar. De lange weg Esdonk – gildehuis werd dikwijls onderbroken. Daarom duurde de tocht ook bijna 2,5 uur. Tot besluit van het openbaar optreden wordt dan de hospes van het gildehuis beloond met een vendelgroet, de achtste en laatste van die dag. Hij bood gratis drank voor de gildebroeders aan tot de aanvang van het diner.


GILDEAVOND

In het verre verleden is gebeleken, dat er tussen de aankomst aan het gildehuis en de gildeavond geen tijd is om thuis de warme maaltijd te gebruiken. Daarom is gekozen voor een diner in het gildehuis. Gildebroeders hoeven zich daarom niet te haasten om op tijd weer terug te zijn hiervoor.

De zaal van het gildehuis was vol bezet en de maaltijd van drie gangen smaakte uitstekend, zodat men een goede bodem had voor de avond.
Tegen 21.00 uur kwam een delegatie van het zustergilde Sint Joris om de nieuwe deken, de jubilarissen en het gilde te feleciteren met de uitverkiezing en de jubilea. Ook buurtgenoten, familieleden en vrienden meldden zich om daarna samen de gildeavond te vieren. Voor sommigen duurden deze heel erg lang.

 

Last Updated on Friday, 15 June 2012 16:35
 

Inloggen




Powered by Joomla! and Installed by Installatron. Designed by: celebrity search cheap dedicated servers Valid XHTML and CSS.