Gildemis in Ruijschenbergh Print
Written by Teun   
Thursday, 17 September 2015 13:27

Het begon in het jaar 1970 toen de bewoners van het Gasthuis o.a. met boerenkarren verhuisden van hun uit de tijd geraakte verblijf aan de Nieuwstraat naar het gloednieuwe Huize Ruijschenbergh op de hoek van de Kapelaanstraat en de Julianastraat. De beide Gemertse gilden waren daarbij net als andere verenigingen uit het dorp bij aanwezig en gaven daarmee meer glans aan het historisch feit. Het intrekken werd besloten met een gezamenlijke vendelgroet. Dit eerste eerbewijs aan de oudere inwoners, die het in hun leven niet gemakkelijk hebben gehad, maar toch het Gemert van toen en vooral de handhaving van de tradities hebben doorgegeven, was voor het Sint Antonius en Sint Sebastianus Gilde – Gruun Schut – aanleiding om ook in het volgende jaar en in de 45 jaren tot nu toe erna hun te blijven eren en te danken voor hun bijdragen aan de Gemertse gemeenschap. Immers iedere generatie bouwt daaraan en maakt het hun kinderen en kleinkinderen mogelijk om een beter leven te leiden, dan zij hebben gehad. Dat is in de korte toespraakjes van de opeenvolgende voorzitters van het gilde dikwijls beklemtoond.
Ook vorige week vrijdag was het gilde weer present in Ruijschenbergh. De tweede vrijdag in september staat al enkele jaren in het jaarprogramma genoteerd en de gildebroeders hechten er aan om daarbij aanwezig te zijn. Het is sinds het nieuwe Ruijschenbergh wel anders dan in 1971 toen hert eerste bezoek na de inhuizing werd gebracht. Toen was er een eigen pastor, die op eerste zondag in oktober voorging in de H.Mis en na de koffie met de bewoners ook de vendelroet in ontvangst nam. Na de ingebruikneming van het nieuwe gebouw is er geen pastor meer en zijn er nog twee kerkdiensten per maand in de activiteitenruimte van het  huis, verzorgd door de parochie. Aanvankelijk werd vastgehouden op de tweede vrijdag in oktober, maar de afsluitende vendelgroet was door de invallende duisternis niet meer zichtbaar voor de bewoners, vandaar dat uitgeweken is naar de  tweede vrijdag in september, dit jaar dus op 11 september jl.
Tegen zeven uur ’s avonds klonken door het gebouw de trommen van de tamboers en voor zoveel de bewoners al niet in de door iedere keer weer vele vrijwilligers tot kapel omgebouwde activiteitenruimte aanwezig waren, was dat het teken om alsnog te komen. Pastor Pater Piet Pubben vindt het iedere keer weer een verademing om voor te gaan in de viering en om daarna nog alle bewoners te begroeten, maar toch zeker hen, die nog in Huize Ruijschenbergh hebben gewoond. Begeleid door het gilde, en gekleed in de albe en het kazuifel van het gilde, trok hij de kapel binnen. Daar is nog maar plaats voor een klein aantal gildebroeders, waaronder het koningspaar de tamboers, kapitein, vaandeldrager en nieuwe deken. De andere gildebroeders hebben in plaats in de nevenruimte en achter glas.
De nieuwe deken van het gilde is de lector van de dag en de koning heeft het voorrecht om de eigen voorbeden, waarin naast de intenties van de parochie ook die van overleden gildebroeders en/of zusters te vermelden.
Na de koffie wordt de vendelgroet gebracht aan de pastor en de vertegenwoordigers van het huis. Het gazon, waarop dit gebeurt is de gildebroeders wel bekend, want dat is hetzelfde gazon waarop in de zomertijd de vendeloefeningen worden gehouden. Voor hen is het dus een thuiswedstrijd.
Na de groet is er nog gelegenheid voor een glaasje waarna het gilde in het schemerdonker op weg gaat naar het gildehuis, voldaan omdat weer een goede daad is verricht.

foto volgt